vzw PiekernieVereniging voor personen met een dwarslaesie

Historiek

pic10_378182226.jpg

Naast de eigenlijke handicap zijn er nog heel wat zaken die belangrijk zijn in het dagelijkse leven van een persoon met een handicap.

Dat ondervonden ook enkele verpleegkundigen (van het revalidatiecentrum van het UZGent), met Filip Buckens als drijvende kracht, toen zij begin jaren 1980 regelmatig het initiatief namen om een aantal revalidatiepatiènten (voornamelijk para- en tetraplegici) te vergasten op een barbecue, een uitstap naar de bioscoop of een etentje.

Deze initiatieven kwamen er aanvankelijk enkel om de dagelijkse revalidatiesleur te helpen doorbreken. Maar dit bracht ook met zich mee dat zij heel wat meer inzicht kregen in de problematiek van het ‘gehandicapt zijn’.

Tijdens de uitstapjes werden inderdaad de meest uiteenlopende zaken aangekaart. Hieruit bleek dat vele mensen die van de ene dag op de andere in een rolstoel terechtkomen heel wat problemen en vragen hebben. Deze problemen situeren zich niet enkel op het medische vlak, maar ook: wat met de relatie, het werk, de favoriete sport of het feit dat iedereen je nastaart en aangaapt?

Andere problemen die aan het licht kwamen waren dan weer van praktische aard: hoe zich te verplaatsen in deze toch wel onaangepaste omgeving, wat met de toegankelijkheid van het te bezoeken restaurant, zijn de tafels hoog genoeg om er met een rolstoel onder te kunnen? Wat met het vervoer? Dit laatste probleem werd aanvankelijk opgelost door een beroep te doen op familieleden en vrienden van de pati�nten maar dan bleef nog het probleem van de elektrische rolstoelen.

Het toeval wou dat precies in die periode een ex-pati�nt zijn oude bestelwagen afstond uit sympathie. Er moest echter voor het onderhoud, benzine en verzekering worden betaald, wat moeilijk door een persoon kon worden gedragen. Tot op dat ogenblik werd alles op een tamelijk ludieke en losse manier aangepakt, waarbij echter steeds de initi�le bedoeling bleef dat de patiènten niet enkel een revalidatie nodig hebben, maar ook een grote behoefte aan informatie.

Met de tijd rijpte toch het idee dat alles nog beter zou kunnen, dat de patiènten beter zouden kunnen worden geholpen bij vragen, beter zouden kunnen worden gedocumenteerd. Dit en het probleem van de minibus deden het idee van de oprichting van een vzw (vereniging zonder winstoogmerk) ontstaan. Met een vzw zou ook de mogelijkheid ontstaan om leden te werven en fondsen te verzamelen. Met deze fondsen zou dan een uitgebreide bibliotheek kunnen worden aangelegd en met de ledenlijst zou men een schat aan adressen hebben van mensen die reeds langer in de situatie leven en hun ervaring zouden kunnen delen met mensen die er pas ‘in gevallen’ zijn!

No tag for this post.

Comments are closed.

-->